Accepteer cookies om deze inhoud in te laden.

Maison d'Artiste toonde waar De Stijl naar streefde: een nieuwe leefomgeving door het harmonisch samengaan van schilderkunst en architectuur. Dit boek onderzoekt het revolutionaire culturele belang van het ontwerp, de betekenis voor de geschiedenis van De Stijl en bespreekt de dilemma’s rond hedendaagse realisatie van het niet gebouwde ontwerp in vergelijking met andere laat uitgevoerde ontwerpen van bekende twintigste-eeuwse architecten als John Hejduk en Le Corbusier.

De publicatie verschijnt bij nai010 uitgevers in het kader van het honderd-jarig bestaan van De Stijl in 2017. Een team van nationale en internationale specialisten leverde een bijdrage: Dolf Broekhuizen (red.), Ole Bouman, Paul Meurs, Alied Ottevanger, Kees Somer, Wouter Jan Verheul en Michael White. Met een voorwoord van architect en Rijksbouwmeester Floris Alkemade. Meer informatie via Anja Romar en te bestellen bij NAi Boekverkopers.

Dolf Broekhuizen over Maison d'Artiste

Redacteur Dolf Broekhuizen: "We willen met dit boek de vraag oproepen of het mogelijk is een ontwerp uit 1923 dat een icoon is in de kunst- en architectuurgeschiedenis alsnog te bouwen. Kun je door realisatie een nieuwe De Stijl beleving mogelijk maken? Kun je een dimensie aan De Stijl toevoegen door het ontwerp alsnog beleefbaar te maken? Als je het uitgevoerde Maison d’Artiste kunt bezoeken, als je er in kunt leven, wonen of werken, kom je dan tot nieuwe kennis over wat De Stijl betekende? Tot nu toe is het originele ontwerp slechts als ontwerp, in de vorm van tekeningen en foto’s van een verloren gegane maquette bekend. Het leek ons zeer relevant om in het De Stijl jaar na te denken over die mogelijkheid. In 2017 is het honderd jaar geleden dat het tijdschrift De Stijl werd opgericht, en daarmee startte ook de beweging De Stijl.’

Voor dit boek is onder andere onderzoek gedaan in de collectie van Het Nieuwe Instiuut, waar de archieven worden beheerd van Theo van Doesburg, Cornelis van Eesteren en tijdgenoten als Jan Wils.

Broekhuizen: "Centraal in het ontwerp voor Maison d’Artiste staat de nieuwe ruimteopvatting en de daaraan gerelateerde vrije manier van leven. De dynamische compositie van ruimte, vormen en kleur in het kunstenaarshuis had volgens Van Eesteren en Van Doesburg een invloed op de wijze van leven en beleving in het huis. Over de herkomst van de ruimteopvatting heb ik een interessante nieuwe bron gevonden in het archief van Jan Wils, een architect die ook betrokken was bij de Stijl beweging. Van Doesburg blijkt een ontwerp van Jan Wils uit 1918 te hebben gebruikt voor de ontwikkeling van zijn ruimteopvatting. Bovendien heb ik nieuwe aanwijzingen gevonden over de constructie waar de ontwerpers Maison d’Artiste aan hadden gedacht. Ook andere auteurs in het boek hebben heel nauwkeurig naar de oorspronkelijke bedoelingen van Van Doesburg en Van Eesteren gekeken."

"Sommige academici zijn nogal sceptisch en reageren terughoudend op het idee het Maison d’Artiste alsnog te realiseren. Maar bij presentatieinstellingen merk ik een andere houding. Daar staan beleving en ervaring hoog op de agenda. De kijker als deelnemer en betrokkene. Het Art Institute in Chicago heeft zelfs een slaapkamer die Vincent van Gogh schilderde nagebouwd die te boeken is voor een overnachting. In die zin past het boek heel goed in een trend in de vernieuwing van musea door de gerichtheid op totaalbelevingen, maar is het ook interessant om te zien welke positie het zal krijgen in de architectuurgeschiedenis."

datum
30/10/2016
tijd
14:00 – 17:00
taal
Nederlands
 
locatie

Het Nieuwe Instituut
Museumpark 25
3015 CB Rotterdam

toegang

Gratis
Aanmelden t/m 26 oktober via rsvp@nai010.com