Accepteer cookies om deze inhoud in te laden.

Industriële norm als maat

Drie weken na het verschijnen in 1936 was de eerste oplage van de Bau-entwurfslehre al uitverkocht en drie maanden later verscheen de tweede druk. De publicatie beoogde bij te dragen aan de levenskwaliteit van gewone mensen, die verbeterd kon worden door het betaalbaar produceren van fatsoenlijke producten en woningen, mogelijk gemaakt door arbeidsdeling, massafabricage en normalisatie. Naast deze cultureel-economische ambitie speelde ongetwijfeld de politieke situatie van Duitsland op dat moment een grote rol bij de populariteit van het boek. Het Derde Rijk werd gebouwd op pijlers als grootschalige industrialisatie, herbewapening en gelijkschakeling van de mens. Het normatieve aspect van Neuferts door de industrie voorgeschreven bouwmaten en voorschriften sloot bovendien probleemloos aan bij de door de nationaalsocialisten opgelegde disciplinering van de samenleving. Al in september 1939 werden de ‘Deutsche Industrie Normen’ wettelijk voorgeschreven, waarmee de Bau-entwurfslehre onmisbaar werd voor Duitse architecten in de opgelegde normencultuur.

In 1938, twee jaar na het verschijnen van de eerste druk, aanvaardde Neufert van Generalbauinspektor für die Reichshaupstadt Albert Speer de functie van Beauftragter für Typisierung, Normung und Rationaliserung des Berliner Wohnungsbaus. Deze functie paste in de ambitie van Speer om de bouwsector om te vormen tot een gestroomlijnd onderdeel van het Derde Rijk, door industrialisatie van het ontwerp- en bouwproces. Neufert trad tevens toe tot zijn staf als adviseur van rationalisatievraagstukken. Tijdens dit dienstverband, waarin Speer voor het voeren van de ‘totale oorlog’ de industrialisatie tot in extremen doorvoerde, ontwikkelde Neufert een mobiele ‘Hausbaumachine’, die woningbouw in stroken van vier verdiepingen aan de lopende band kon produceren. Tijdens zijn werkzaamheden voor het nationaal-socialistische regime, ontwikkelde Neufert ook een nieuw maatsysteem, de Oktameter, waarbij de verdeling van de meter in achten het gangbare decimale stelsel verving. Neufert nam wederom het menselijk lichaam als uitgangspunt, waarvan alle maten te herleiden waren tot een verveelvoudiging van twaalfenhalve centimeter. Neufert stelde zich ten doel dat de Oktameter de nieuwe norm zou worden van de Deutsche Industrie Norm—en daarmee het ontwerp van alle voorwerpen en gebouwen—een streven dat vooral in de Bau-entwurfslehre editie uit 1943 tot uitdrukking komt.

De mens de maat der dingen

De doorsneemens van Neufert meet 1.75 meter en neemt minimaal een oppervlakte van 40 bij 60 centimeter in. Voor twee mensen naast elkaar is tenminste 1,15 meter nodig, en voor vier 2 meter. Gedetailleerd gaat Neufert in op de plaats die iedere menselijke activiteit vereist, zoals liggen, zitten en lopen, waarbij actief zitten, lui zitten en rusten ieder een eigen specifieke ruimte kennen. Door deze richtlijnen laat de Bau-entwurfslehre zich lezen als een twintigste-eeuwse versie van het Vitruviaanse adagium ‘de mens de maat der dingen’. Het moderne leven van Neufert kent geen individuele kenmerken, maar voert op rationele en mechanische wijze handelingen uit in een volledig gestandaardiseerde omgeving.

Het Nieuwe Normaal?

De invloed van Neufert op de twintigste-eeuwse fysieke omgeving is evident. Het handboek weerspiegelt een denkbeeld waarin de mens centraal staat, veelal gerepresenteerd als mannelijk lichaam van westerse afkomst, superieur aan niet-menselijke lichamen, natuur en energiebronnen. De COVID-19 crisis laat zien hoe kwetsbaar en tijdgebonden een dergelijk denkbeeld is, en maakt vooral duidelijk dat normering en regulering vaak geen antwoord bieden op ruimtelijke vraagstukken. Normen en standaarden zijn nooit universeel, en dragen eerder bij aan uitsluiting. De collectie van Het Nieuwe Instituut, en de geschiedenis in het algemeen, laten zien dat ontwikkelingen in de architectuur worden voortgestuwd door crises en oplossingen. De anderhalvemetermaatregel, of andere vormen van social distancing—hoewel effectief nu er geen beroep kan worden gedaan op een vaccin—dienen daarom kritisch te worden bezien, met het oog op oplossingen voor de lange termijn. Dit moment biedt ruimte voor structurele verandering die bij uitstek raakt aan het ontwerp van de fysieke en virtuele gebouwde omgeving en het leven daarin.

Literatuur

  • Ernst Neufert, Bau-entwurfslehre Grundlagen, Normen und Vorschriften über Anlage, Bau, Gestaltung, Raumbedarf, Raumbeziehungen, Maße für Gebäude, Räume, Einrichtungen und Geräte mit dem Menschen als Maß und Ziel Handbuch für den Baufachmann, Bauherrn, Lehrenden und Lernenden. 271 Tafeln mit 3600 Zeichnunen, Berlijn, Bauwelt-Verlag, 1940. Tussen 1936 en 2018 verschenen van de Bau-entwurfslehre ongeveer 800.000 exemplaren.
  • Simone C., Niquille, ‘What does the Graphical User Interface want?’, in: Marina Otero Verzier en Nick Axel, Work, Body, Leisure, Rotterdam, Het Nieuwe Instituut, 2018, p. 211-231 (publicatie ter gelegenheid van de Architectuurbiënnale Venetië, 2018)
  • Gernot Weckherlin, Walter Prigge, ‘Ernst Neuferts ‘Bauentwurfslehre’ zu den modernen Disposition der Optimierung, Disziplinierung und Gleichschaltung’, in: Der Lehrbuchdiskurs über das Bauen, Zürich, 2015, p.244-261.
  • Anna-Maria Meister, ‘From Form to Norm: The Systematization of Values in German Design 192x-195x’, in: Workbook 14-15 van Princeton University School of Architecture, 2014, p. 150-152. Workbook; Formatting Modern Man; From Form to Norm
  • Gernot Weckherlin, Zur Systematik des Architektonischen Wissens am Beispiel von Ernst Neuferts Bauentwurfslehre, Tübingen/Berlijn, Wasmuth, 2017 (Proefschrift uit 2014 aan de Bauhaus-Universität Weimar)
  • Urtzi Grau, Cristina Goberna, (Fake Industries Architectural Agonism), 1936, Prolog, 2012, The Neufert Variations, 0047 Gallery, Oslo (Online
  • Walter Prigge, Ernst Neufert Normierte Baukultur im 20. Jahrhundert, Edition Bauhaus Band 5, Frankfurt/New York, Campus Verlag, 1999.
  • Wolfgang Voigt, ‘’Triumph der Gleichform und des Zusammenpassens’’. Ernst Neufert und die Normung in der Architektur’, in: W. Nerdinger, Bauhaus-Moderne im Nationalsozialismus. Zwischen Anbiedung und Verfolgung, München, 1993.